Vetzuren in bloed voorspellen de inname van vet uit zuivel en relatie met hart- en vaatgezondheid

Een interview met onderzoeker Ilse Pranger

Een gezonde leefstijl en voeding spelen een belangrijke rol in het behouden van gezonde hart- en bloedvaten en voorkomen van ziekten. Hierbij is het belangrijk om niet te roken, een gezond gewicht te hebben en te eten volgens de Schijf van Vijf met voldoende groente en fruit, vis, vezels en weinig verzadigd vet. Om de inname van verzadigd vet te beperken, wordt door voedingsinstanties aangeraden om te kiezen voor magere zuivelproducten. In de wetenschappelijke literatuur zijn echter onderzoeken te vinden die laten zien dat vet afkomstig uit zuivel risicofactoren voor hart- en vaatziekten mogelijk juist kan verminderen.

Heeft het drinken van melk een verzurend effect op het lichaam?Het FrieslandCampina Institute sprak met Ilse Pranger over haar promotieonderzoek aan de Rijksuniversiteit Groningen. In dit promotieonderzoek heeft zij gekeken of bepaalde vetzuren, gemeten in het bloed, kunnen dienen als biomarker voor de consumptie van vet uit zuivel (dit betekent dat deze vetzuren de inname van vet uit zuivel reflecteren). Daarnaast heeft ze gekeken of er een relatie is tussen deze biomarkers en risicofactoren voor hart- en vaatziekten.

Biomarkers

‘Veel onderzoeken meten de inname van zuivel door middel van voedselfrequentievragenlijsten of voedingsdagboeken. Dit zijn op zich mooie onderzoekstechnieken, maar ze hebben het nadeel dat ze onnauwkeurig kunnen zijn. Soms vullen mensen bijvoorbeeld gewenste antwoorden in of worden er voedingsmiddelen vergeten. Daarom zijn wij op zoek gegaan naar een andere methode om op een objectievere manier de inname van zuivel te kunnen meten.

In ons onderzoek hebben we een aantal verzadigde- en transvetzuren geïdentificeerd als biomarker voor de inname van zuivelvet. Als deze biomarkers worden gecombineerd, voorspellen ze de inname van zuivelvet (en daarmee de inname van zuivel) het beste, al is de gevonden correlatie niet heel sterk. Het advies is daarom om de biomarkers altijd te combineren met een vragenlijst om zo te kijken of dit een consistent beeld geeft.

We hebben ook gekeken naar het verband tussen de biomarkers en de inname van verschillende zuivelproducten, zoals magere en (half)volle zuivelproducten, yoghurt en kaas (boter was niet meegenomen). Hieruit bleek dat de biomarkers het sterkst verband hadden met de consumptie van kaas en volvette zuivelproducten.’

Risicofactoren voor hart- en vaatziekten

‘In het onderzoek vonden wij over het algemeen een gunstig verband tussen de biomarkers voor consumptie van vet uit zuivel en bepaalde risicofactoren voor hart- en vaatziekten, zoals gewicht, cholesterol en bloedglucose. Dit laat zien dat de consumptie van zuivel mogelijk een gunstig effect heeft op onze hart- en vaatgezondheid.

Eén van de vetzuren die in het onderzoek geïdentificeerd werd als biomarker voor zuivelvet, een bepaald transvetzuur, heeft twee verschillende varianten: een natuurlijke variant die voornamelijk in zuivel voorkomt en een industrieel geproduceerde variant.

We hebben gekeken of het klopt dat het ene transvetzuur verband houdt met de inname van zuivel en het andere niet: dat klopte inderdaad. Daarnaast hebben we gekeken naar het verband tussen deze transvetzuren en risicofactoren voor hart- en vaatziekten. Uit ons onderzoek bleek de zuivelvariant een gunstig effect op hart- en vaatziekten te hebben. Bij de industriële variant vonden we dit verband niet.’

Vervolgonderzoek

‘Andere onderzoeken die gekeken hebben naar de consumptie van zuivelvet en risicofactoren voor hart- en vaatzieken laten wisselende resultaten zien. Vooral onderzoeken die werken met vragenlijsten, laten vaak een neutraal, in plaats van positief verband zien tussen consumptie van zuivelvet en bepaalde gezondheidsuitkomstmaten. Er is dus meer onderzoek nodig om te bevestigen dat consumptie van zuivelvet een positief effect heeft op hart- en vaatgezondheid.

Als vervolg op dit promotieonderzoek zou het interessant zijn om te kijken wat het gezondheidseffect van de consumptie van vet uit zuivel op langere termijn is. In het huidige onderzoek hebben we enkel gekeken naar het verband tussen de biomarkers en risicofactoren voor hart- en vaatziekten op één punt in de tijd.’

Curriculum Vitae

Ilse Pranger (1988) studeerde Voeding en Gezondheid aan de Wageningen Universiteit. Tijdens haar promotieonderzoek was zij verbonden aan onderzoeksinstituut GUIDE van het Universitair Medisch Centrum Groningen. Momenteel is zij werkzaam als Clinical Research Associate bij PPD. De titel van haar proefschrift luidt: “Fatty acids as biomarkers for health status and nutritional intake – focus on dairy and fish”.

Proefschrift: www.rug.nl/research/portal/nl/publications/fatty-acids-as-biomarkers-for-health-status-and-nutritional-intake(314168db-428a-47cf-b046-10bc40f05bbb).html

Lees meer: