Advies Gezondheidsraad: Duurzaamheid in voedingsrichtlijnen

Bij het opstellen van voedingsrichtlijnen is tot nu toe gezondheid de focus geweest, maar er is ook groeiende aandacht voor het aspect van duurzaamheid. Op verzoek van de ministeries van LNV en VWS heeft de Gezondheidsraad het advies ‘Voeding, gezondheid en duurzaamheid: een blik vooruit’ uitgebracht. Dit advies verkent hoe duurzaamheid en gezondheid geïntegreerd kunnen worden in de voedingsadvisering.

In de samenleving en de wetenschap is er steeds meer aandacht voor de vraag welke voeding niet alleen gezond maar ook duurzaam is. Duurzaamheid is een breed begrip. Het omvat ecologische aspecten zoals uitstoot van broeikasgassen, land- en watergebruik en biodiversiteit, maar ook dierenwelzijn en eerlijke handel.

Om een advies te geven over wat gezonde voeding is, brengt de Gezondheidsraad periodiek de richtlijnen goede voeding uit. Zowel in 2011 als in 2015 is er in deze richtlijn al aandacht besteed aan het duurzaamheidsaspect van voeding. In de richtlijn van 2015 werd geadviseerd om vanuit zowel gezondheidskundig als ecologisch oogpunt minder vlees te eten, meer plantaardig te eten, visconsumptie te beperken tot één keer per week (bij voorkeur vette vis) en de zuivelconsumptie gelijk te houden.

Blik op de toekomst

Bij het integreren van gezondheid en duurzaamheid in voedingsrichtlijnen pleit de Gezondheidsraad voor een modulaire aanpak, dat wil zeggen een stapsgewijze integratie van gegevens op basis van voortschrijdende kennis.

Verdere belangrijke punten uit het advies:

  • Als men bij de ontwikkeling van richtlijnen voor goede voeding wil streven naar integratie van het gezondheids- en duurzaamheidsaspect, is het belangrijk om vanaf het begin af aan deskundigen op het gebied van duurzaamheidsvraagstukken bij de advisering te betrekken. Zo kunnen afwegingskwesties of een eventuele uitruil tussen gezondheids- en ecologische belangen tijdig en helder in beeld komen.
  • De richtlijnen zijn primair bedoeld als aanbevelingen aan de consument. In hoeverre de consument zich daaraan wenst te houden is echter vers twee. Daarom wordt aanbevolen om ook consumentenorganisaties te betrekken in het adviesproces.
  • Voor het thema duurzaamheid bestaat behoefte aan een soortgelijke methodologische leidraad als voor de beoordeling van de gezondheids­kundige aspecten van voeding. Tevens is dit nodig om inzichtelijk te kunnen maken hoe bij de verdere ontwikkeling van richtlijnen de selectie, weging en integratie van indicatoren voor duurzaamheid en gezondheid vorm kunnen krijgen.
  • Algemener gesproken zal de Gezondheidsraad steeds moeten beoordelen of de stand van wetenschap voldoende aanleiding vormt voor actualisering van (onderdelen van) de richtlijnen goede voeding. Integratie van het duurzaamheidsperspectief in de richtlijnen zal daarbij hoe dan ook een vast aandachtspunt zijn.

Lees meer: